Droog, droger, droogst

De biografie van John Muts

Herman Brusselmans

Lien

Nog nooit van John Muts gehoord? Niet getreurd, want of je het nu wilt of niet, je krijgt zijn leven nog in alle ongure geuren en kleuren te zien en daarbij wordt geen enkel moment vergeten: van de dag dat hij uit de aars van zijn moeder floept tot  zijn tragische dood. We maken ook kennis met een aantal familieleden. Zijn moeder Adèle bijvoorbeeld, een befaamd wortelschraapster en tevens de vrouw met de grootste kut van Hamme en omstreken, of oma Elivere, dievegge van beroep. Maar we maken nog het meest uitgebreid kennis met Johns vader Jef Muts, een uitzonderlijk genie met een liefde voor gifgroen ondergoed en een nog grotere liefde voor de taal. Diezelfde passie deelt  John met zijn vader en, net als hem indertijd, verbetert John ook constant de taalfouten van zijn idiote gesprekspartners, iets wat hem – logischerwijs misschien – niet altijd in dank wordt afgenomen.

Te veel van het goede

Aan heerlijk schunnige praat en droge grapjes weer geen gebrek, maar wat hadden we anders verwacht? Of je Brusselmans’ humor nu overheerlijk zalig vindt of juist hatelijk irriterend, dat hangt nog het meeste af van je gemoedstoestand, zo ondervinden wij. Al doet dat er vanaf bladzijde 250 zelfs niet meer toe, want tegen dan zijn we het helemaal beu. Dan kan zelfs "automobieldidactisch" of het grapje van de postbode ons niet meer bekoren.

Hoewel Brusselmans zijn bekende succesformule ook in zijn nieuwe boek heeft doorgezet, is De biografie van John Muts niet één van zijn betere boeken. Daarvoor krijgt de depressieve ondertoon van Johns gedachten iets te veel de bovenhand en is alles – zelfs voor Brusselmans zijn doen – een beetje té uitgebreid beschreven.