Moya De Feyter: "De middelmaat is een monster"

BILL Awards 2016

Categorie: Spreken

Pieter Claes

BILL Awards 2016: Moya De Feyter

Categorie: Spreken

Of ze nu als literaire lichtekooi optreedt in het Poëziebordeel of moederziel alleen plaatsneemt aan haar schrijftafel: het hart van Moya De Feyter (23) klopt op het ritme van haar typemachine. BILL sprak met de winnares van Frappant TXT en finaliste van het BK Poetry Slam over de geneugten van een fikse treinrit en haar toekomstige debuutroman. 

Moya De Feyter: “Ik schreef mijn eerste gedichten toen ik een jaar of tien was. Ze gingen over kinderlijke verliefdheden en ruzies op de speelplaats. Spelen met tekst hoort bij wie ik ben, er is geen bijzonder moment dat ik kan aanduiden als "het begin". Mijn liefde voor taal gaat verder terug dan mijn geheugen.”

“Toch was mijn deelname aan Kunstbende een grote doorbraak, althans wat betreft mijn zelfvertrouwen. Misschien nog meer dan de overwinning bij Frappant, hoewel die heel wat deuren heeft geopend. Ik was bij mijn Kunstbende-deelname zestien en bracht voor het eerst mijn eigen teksten op een podium voor een publiek. Het besef dat ik dat kon, dat ik ervan genoot en dat mensen zelfs graag naar me luisterden, heeft voor mij veel veranderd.” 

“Mijn eerste plaats bij Frappant leverde me een wildcard op voor het BK Poetry Slam. Ik had zelfs niet meegedaan aan de preselecties. Ik sta graag op de planken, maar het competitieve aspect van het hele gebeuren lag me minder. Ik word zenuwachtig wanneer een applausmeter moet beslissen wie de mooiste tekst brengt.”

"Er bestaat geen knopje dat de dichter in mijn hoofd even kan uitschakelen." 

“Dan ligt mijn werk binnen het Poëziebordeel me veel meer. Ik treed op onder het pseudoniem Ambrosia, een fictieve minnares van Homerus. Mijn "cliënteel" komt in het "bordeel" aankloppen voor een persoonlijke voordacht of een gesprek. Ik studeerde Latijn en Grieks en vond het dan ook zalig om uit die enorme poel van oude mythen een eigen personage te mogen verzinnen.”  

"Goede poëzie mag van mij best een beetje vaag zijn. Als de betekenis hapklaar is, verdwijnt de magie. Er bestaat geen uitknop voor de dichter in mijn hoofd en dat is tegelijkertijd een vloek en een zegen. Soms is het tergend om altijd – onbewust en soms ook ongewenst – met een schrijversblik naar de wereld te kijken. Inspiratie kan me op elk moment overvallen en komt meestal voort uit mijn directe omgeving, dingen die ik zie of meemaak." 

"Ik heb niet echt een bepaalde plaats waar ik het beste kan werken, maar ik schrijf wel regelmatig op de trein. Binnen de cocon van een wagonnetje ben je een uur of langer afgesloten van alle sms’en, computerschermen en andere mensen op de wereld. Dat geeft me een soort van rust, het creëert ruimte in mijn hoofd om vrij te werken. Wat valt er anders te doen of te beleven op een trein dan te schrijven?"

"Ik heb een haat-liefdeverhouding met mijn boekenkast." 

“Ik ben op dit moment traag en voorzichtig aan het schrijven aan mijn eerste boek. Een enorme uitdaging, want er bestaat uiteraard geen gids voor het schrijven van een succesvol debuut. Een roman schrijven is een veel enger karwei dan werken aan een korte tekst om op een podium te brengen: het wroeten op een structuur is nieuw voor me. Die zoektocht levert me een soort van haat-liefdeverhouding met mijn boekenkast op, alsof ik er tegen moet opboksen. Telkens als ik een straf boek lees, vraag ik me – heel eventjes - af of ik niet beter stop met schrijven. Want wie ben ik om aan die grote meesterwerken nog iets toe te voegen?”

“De middelmatigheid jaagt me soms angst aan. Ik hoop op z’n minst een boek te schrijven dat mensen aan het denken zet. Een verhaal dat ze koesteren en waarin ze zichzelf helemaal herkennen of net het tegenovergestelde, een boek dat in één adem troost en verwart.”

>> Stem op Moya als jouw favoriet voor de BILL Awards in de categorie Spreken.