Kunstroof in België: niet altijd nobel

Intelligente mensen in maatpak met nobele doeleinden, of niet?

Brecht

 Een kunstdiefstal spreekt nog steeds tot de verbeelding. Denk maar aan de diefstal van de vermeende Michelangelo uit een kerk in Zele. Intelligente mensen in maatpak met nobele doeleinden - of net niet: een kunstdief kan op iets meer gratie van het volk rekenen dan de gemiddelde huis-tuin-en-keukeninbreker.  Het is niet voor niets dat heistfilms populair zijn.

Onderstaand stukje tekst is totaal NIET gebaseerd op deze film.

Maanlicht schijnt door het dakraam van het museum. Een menselijk silhouet staart naar binnen. De laatste nachtwaker strompelt beneden vermoeid langs een klein maar kostbaar werk. Voor hem lijkt het een onbewogen avond. Wanneer de man uit het zicht verdwijnt, komt het silhouet in actie. Terwijl het zich als een spin naar beneden laat zakken zien we een gezicht. Dit figuur staat best goed met haar zwarte col roulé. Zij duikt katachtig over en onder bewegingsalarmen die op lightsabers lijken. Net wanneer we haar handen het onschatbare kunstwerk zien aanraken gaat een alarm af. De nachtwaker loopt als een kip zonder kop door het museum terwijl alle ontsnappingspunten en uitgangen worden afgesloten. Tevergeefs: het kunstwerk en de dief zijn zonder spoor verdwenen.

 Zo zien kunstdiefstallen er in de films uit. En neen, de meeste kunstwerken hebben niet zo’n uit de hand gelopen alarmsysteem. In België worden jaarlijks nog altijd ongeveer 200 kunstdiefstallen gepleegd. Dit zijn de voornaamste van die diefstallen van de afgelopen 20 jaar in ons land.

Er zijn nog gentlemen

Stéphane Breitwieser

De naam Stéphane Breitwieser doet rillingen over de ruggen lopen bij museumdirecteurs over heel Europa. Tussen 1997 en 2001 stal de fransman zo’n zestig werken van over het hele continent. Toen hij eindelijk werd gevat, begon zijn moeder met het vernietigen of verstoppen van de werken. In 2006 had Breitwieser er een boek over klaar. Daaruit bleek dat het hem niet om het geld te doen was. De man was zo hopeloos verliefd op kunst uit de 16e en 17e eeuw dat hij er zelf een verzameling van wou aanleggen. In Antwerpen stal hij bijvoorbeeld Bedrog loont zijn meester van Pieter Brueghel de Jonge. Die titel, dat kan tellen qua symboliek.

 De meeste werken kon hij overdag buit maken door een toegangsticket te kopen, ze uit hun kader te snijden en er mee weg te wandelen. Wie dacht dat musea lessen trekken uit deze diefstallen, komt bedrogen uit. Breitwieser werd in 2011 opnieuw opgepakt. Hij had opnieuw - op exact dezelfde manier - dertig werken gestolen van over heel Europa.

You are gold (gold)

Kunstdieven zijn meestal niet de gentleman-kunstkenners die de populaire cultuur van hen heeft gemaakt. Vaak is het hen maar om één ding te doen: geld. De artistieke waarde kan hen niets schelen. In april 2018 werd er zo’n werk gestolen uit een galerij in Knokke-Heist. Een inbreker reed met de auto langs een raam naar binnen om op die manier een gouden kunstwerk van 45kg van Arne Quinze in zijn kofferbak te steken. Er volgde nog een politieachtervolging, maar de dader kon ontsnappen. Hij reed weg met 2 miljoen euro aan goud dat vermoedelijk gesmolten is.

't Zand met de toen nog intacte bronzen beelden

Ook Brugge werd in juni 2018 opgeschud door een diefstal waarbij het de dieven om de metaalwaarde te doen was. Het ging om een groep aan bronzen beelden van Stefaan Depuydt en Livia Canestrano aan ‘t Zand. Die beelden moesten wijken voor een heraanleg van het plein. Daardoor kwamen de werken op een weinig beveiligde opslagplaats terecht. Hoe de dieven met vijf ton brons aan de haal zijn gegaan, blijft een mysterie.

 Eerlijkheid duurt het langst

Jacht op een voet- euh - op het Calydonische Everzwijn

Dat de Rechtvaardige Rechters van het Gents Altaarstuk tot de verbeelding van velen spreekt, daar schreven we al over. Maar ook minder bekende kunstwerken verdwijnen om pas vele jaren later teruggevonden te worden. In 2001 liepen drie gewapende mannen het MSK in Gent binnen om de Geseling van Christus van Peter Paul Rubens en De Jacht Op Het Calydonische Everzwijn van een leerling van hem te stelen. Ze konden alleen met die laatste aan de haal gaan. Het werd pas tien jaar later teruggevonden op het Griekse eiland Rhodos. Niemand weet hoe het daar is terechgekomen.

 Bij een kunstroof is het zo dat werken pas tientallen jaren later worden teruggevonden. Het is namelijk moeilijk om een schilderij van een bekende schilder van de hand te doen op de zwarte markt.