De meest depressieve buschauffeurs van #FFGent

Olga Hepnarova vs Paterson

Pieter Claes

Goede films met een buschauffeur als hoofdrolspeler zijn niet bepaald dicht gezaaid. Ja, we herrineren ons Speed nog, maar dat is toch ook alweer 22 jaar geleden. Op Film Fest Gent zagen we - naast een thriller die zich haast volledig in een bus afspeelt - maar liefst twee straffe films over bussen die abrupt tot stilstand komen en hun al dan niet ontspoorde bestuurders. 

Een ode aan het alledaagse in pasteltinten 

Paterson (2016) - Jim Jarmusch

 Laat ons beginnen bij wat Paterson en Olga Hepnarova met elkaar gemeen hebben:

  1. Ze rijden beiden met een bus voor de kost, al wordt niemand daar echt gelukkig van. 
  2. Ze schrijven allebei: hij is een getalenteerd dichter, zij beperkt zich liever tot boze brieven en manifesten.
  3. Hun voertuigen vallen in panne tijdens de diensturen (al heeft Olga het zelf gezocht). 

In alle andere mogelijke opzichten zijn de twee films tegenpolen, zowel wat betreft vorm als inhoud. Alle opzichten, behalve misschien één: de nihilistische levenshouding van de twee hoofdrolspelers. 

Jim Jarmusch schildert met Paterson een wondermooie ode aan de traagheid en het alledaagse. De pastelkleurige wereld van de hoofdrolspeler en zijn vrouw bestaat uit een bepaald aantal scènes die zich doorheen de film zeven keer herhalen (ééntje voor elke dag van de week). Het koppel staat op. Hij gaat werken en ondertussen beschildert zij hun interieur met steeds meer zwart-witte kronkelpatronen. Ze eten, hij laat de hond uit en zo verder. 

Paterson vult elk vrij moment met het schrijven van gedichten. Volgens zijn vrouw heeft hij talent en moet hij zijn werk publiceren, maar dat idee laat hem siberisch koud. Terwijl zij dagelijks een nieuwe droom of passie uitvindt, lijkt hij zich zonder morren neer te leggen bij een simpel bestaan als buschauffeur en geliefde echtgenoot. 

Een ode aan het nihilisme in zwart-wit 

I, Olga Hepnarova (2016) - Petr Kazda & Tomás Weinreb

Petr Kazda & Tomás Weinreb verdienden hun sporen als documentairemakers. In hun eerste fictiefilm vertellen de twee in zwart-wit het tragische levensverhaal van Olga Hepnarova, de laatste Tsjechische vrouw die in haar land de doodstraf kreeg.

Op 10 juli 1973 heeft de 22-jarige schone er genoeg van. Getekend door een leven vol pesterijen en psychische problemen rijdt ze met een vrachtwagen in op een groep mensen aan een tramhalte, met acht doden en talloze gewonden tot gevolg. Spijt toont ze niet, ook niet tijdens haar proces, waar ze de rechter expliciet om de doodstraf vraagt. Haar motief: zich wreken op een wereld waarin geen plaats voor haar was. 

I, Olga Hepnarova neemt je mee naar de donkerste krochten van de menselijke geest, met Friedrich Nietzsche als veerman. Waar de vrolijke Paterson de nutteloosheid van zijn bestaan omarmt, rijdt Olga de wereld letterlijk aan flarden om wraak te nemen op alles en iedereen.