Bryn Chainey: "Laat kortfilms toch gewoon zichzelf blijven"

Kortfilmfestival Leuven

Peter Vanwijnsberghe

Bryn Chainey: "Laat kortfilms alstublieft de vrijheid om kortfilms te zijn."

© Bartek Trzeszkowski

Met 'L’Infini' van Lukas Dhont is de jurywinnaar van de Vlaamse fictiecompetitie op het Kortfilmfestival van Leuven bekend. In die jury zetelde onder meer Bryn Chainey, een Brits-Australisch regisseur uit Berlijn. Op kortfilmfestivals over de hele wereld verdiende hij zijn strepen met films als 'Jonah' en 'Moritz and the Woodwose'. In Leuven mag hij zelf naar lieve lust lauweren.   

Hij is nog jong, maar Chainey (28) heeft meer ervaring met filmen en met het leven tout court dan Peter Jackson en Gandalf samen. Die van het Kortfilmfestival en het Vlaams Audiovisueel Fonds (VAF) weten dat, en vroegen hem naast zijn jurywerk ook een masterclass special effects te geven. 

Wat heb je daar gepredikt? 

Bryn Chainey: "Mijn idee van goede in-camera effecten,  namelijk dat ze het verhaal naar een hoger niveau horen te tillen. Met ‘verhaal’ bedoel ik niet enkel de plot, maar ook de interne logica van de wereld waarin de personages leven. Ik heb wel wat ervaring met het aanwenden van effecten met een héél beperkt budget."  

Voor je eerste kortfilm ‘Jonah and the Vicarious Nature of Homesickness’ beschikte je over amper dertigduizend euro. 

Chainey: "Die film speelt zich af in de ruimte, dus ik had een serieuze dosis special effects nodig. Objecten moesten in het niets kunnen wegzweven, maar het moest eruitzien zoals het er in een sci-fi B-film uit de jaren tachtig aan toe ging: absoluut ongeloofwaardig. Met vislijnen bevestigden we heliumballonnen aan tinnen potjes, tot die in de juiste richting en met de juiste snelheid gingen zweven."

"Het ruimteschip zelf bouwden we uit allerlei dingen die we thuis vonden: stoelen, bezems, kartonnen dozen. Het hele zootje filmden we voor een green screen in een oud warenhuis. Zoiets leren ze je niet op de filmschool."

Scary stuff

Je tweede kortfilm, die in 2013 verscheen, heeft een donkerdere en griezeligere toon.

Chainey: "Moritz and the Woodwose moest een horrorfilm worden, maar geleidelijk aan zwakte ik alle scary stuff af. Ik kan zelf een week niet slapen als ik naar een horrorfilm kijk, daarom. Maar ik voel me wel enorm aangetrokken tot duistere verhalen en waarschijnlijk is het net daarom dat ik er zelf niet naar kan kijken. Momenteel werk ik aan twee langspeelfilms, en dat worden allebei komedies. Ik word echt nog een vrolijke jongen!"

Afgelopen week jureerde je in de Vlaamse competitie voor fictiefilms. Op welke criteria baseer je jouw oordeel?

Chainey: "Een goede film heeft een originele stem, die een bepaald wereldbeeld ten berde brengt. Een personage kan die stem hebben, maar de regisseur kan die stem evengoed laten resoneren vanuit het verhaal, de wereld, of nog iets helemaal anders. Om die visie te kunnen communiceren aan je publiek, moet je als regisseur vooral eerlijk zijn met jezelf. Authenticiteit, dat is mijn voornaamste criterium." 

Clash tussen business en kunst

Is het de natte droom van kortfilmregisseurs om langspeelfilms te schieten?

Chainey: "Ik zie mezelf niet onmiddellijk terugkeren naar kortfilms, maar ik ken regisseurs die een grote film hebben gemaakt, dat haatten, en nu terug bezig zijn met korte films. Het valt dus wel voor. Waar ik me wel mateloos aan erger, zijn kortfilms die al te duidelijk een aanzet zijn tot een lange film."

"Als regisseur herleid je dan namelijk je kunstwerk tot een businessmodel voor iets anders. Vind ik vrij respectloos tegenover andere regisseurs die wel een verhaal in tien minuten kunnen vertellen. Laat kortfilms de vrijheid hebben om te zijn wat ze zijn, alstublieft."  

Hoe begin je aan een langspeelfilm?

Chainey: (Laconiek) "Door kortfilms te maken."  

Je werkt tegelijkertijd aan twee langspeelfilms in twee verschillende landen en ondertussen doe je overal ter wereld filmfestivals aan. Niet te druk?

Chainey: "Het is goed, zo. Dat reizen heb ik wel wat mee van mijn ouders. Met hen heb ik afwisselend in Engeland en Australië gewoond. Op mijn tweeëntwintigste gaf ik mezelf een jaar om mijn dromen waar te maken. Ik gaf mijn job op - ik werkte in het archief van een reclamebedrijf - en kocht een enkeltje richting Cannes, wetende dat ik geen geld had om terug te keren."

"Tijdens dat jaar heb ik door Europa getrokken, en ik bleef ook vier maanden in Israël, waar ik bij mensen die ik op een festival ontmoette verbleef. Uiteindelijk werd Jonah and the Vicarious Nature of Homesickness geselecteerd voor een wedstrijd in Berlijn. Mijn film won, en ik kreeg een fonds om een volgende te maken. Dat moest dan wel in Duitsland gebeuren. Het is nu het zesde jaar dat ik daar woon." 

Beren in Boekarest en Franse konijnen

Rusten, doe je dat? 

Chainey: "Ja! ’t Is te zeggen: sinds dit jaar organiseer ik samen met Andreea Bortun, een Roemeense screenwriter, de Pustnik writers in residence. Een week lang verblijven we samen met vier andere schrijvers in een victoriaans huis in de bossen van Pustnik, dicht bij Boekarest, om er te schrijven en tot rust te komen. Blijkt dat houthakken het ultieme bijberoep is voor schrijvers. Het is een simpele taak die toch al je focus vereist, anders is je hand eraf. En dan is het gedaan met schrijven. Maar er zaten ook beren in die bossen, dus gaan we volgend jaar waarschijnlijk naar Frankrijk. Daar zitten enkel konijnen." 

Jij hebt 'Monty Python and the Holy Grail' niet gezien.

Chainey: "Verdorie, ik was die killer rabbit vergeten!"