Anderson doet het weer: volwassen kinderspel

Isle of Dogs

Wes Anderson

Marie Van Oost

Wes Anderson doet het weer. De meesterstilist heeft een nieuwe film uit en hoewel hij lijkt af te wijken van zijn gebruikelijke stijl (Isle of Dogs is een animatiefilm met honden in de hoofdrol), is het toch volledig wat we van Anderson gewend zijn: hij maakt films voor volwassenen alsof het kinderspel is. 

Verwacht geen nostalgisch scoutskamp of pastel-hotel voor de setting, maar het fictieve stadje Megasaki in een dystopisch Japan in de nabije toekomst. Slechterik van dienst is de corrupte burgemeester Kobayashi, die door een gekke hondengriep alle honden wil verbannen naar Trash Island. Dat is buiten Atari gerekend, het 12-jarige neefje van de burgemeester die na een tragisch ongeval steeds werd begeleid door zijn hond Spots. Atari trekt zonder vrees naar het eiland en vormt daar al snel een alliantie met vijf andere verbannen en verkouden honden. De rest is een komisch avontuur, zowel vertederend als entertainend, met de gebruikelijke Anderson-knipogen. 

Negen jaar na Fantastic Mr. Fox waagt Anderson zich opnieuw aan stopmotion, en opnieuw zijn dieren de hoofdpersonages. Stopmotion houdt in dat elk detail van het decor met de hand gemaakt is, van de sumoworstelaars tot de noedelbar tot de berg afval op het hondeneiland én dat betekent dat de film frame per frame gemaakt is. Maar laat het idee van een animatiefilm je niet misleiden. Uiteraard is Andersons laatste creatie opnieuw een stilistische parel. Elk shot is perfect gekadreerd en Anderson verwaarloost nooit zijn heilige regel van de symmetrie. Een topshot van een itamae die sushi bereidt? Instagrammers kunnen er nog wat van leren. Vergeet ook niet dat stopmotion een serieus karweitje is. Als je weet dat er 30 weken is gewerkt aan het personage Nutmeg, een divahondje met de stem van Scarlett Johansson, begrijp je dat Anderson nog even heerlijk neurotisch is als vroeger.  

Het verhaal is luchtig, heeft een happy end en de titel klinkt fonetisch als ‘I love dogs’. Kortom: Anderson mikt op een groot publiek met weke hartjes. Maar dat wil niet zeggen dat de regisseur gespaard blijft van kritiek. Isle of Dogs stelt Japan namelijk behoorlijk karikaturaal voor, en daar zijn velen niet mee gediend. Alle stereotiepen zijn aanwezig: haiku’s, sushi, wasabi, sumoworstelaars, de Japanse kerselaars, en zelfs Yoko Ono krijgt een cameo - alsof Japan niets meer te bieden heeft dan wat we allemaal al kennen. 

Daartegenover is het dan weer onlogisch dat alle hoofdpersonages Amerikaans-Engels spreken. Weg focus op de Japanse sfeer van de film. Bovendien worden de Japanse sprekers niet ondertiteld of vertaald, dus hebben we het raden naar wat zij precies te zeggen hebben. Impliciete boodschap: omdat wat zij zeggen niet belangrijk is? Als degene die de reddingsactie voor de honden in gang zet dan ook nog een Amerikaanse uitwisselingsstudente blijkt te zijn, fronsen we allemaal de wenkbrauwen. Anderson houdt van uitersten, dat wisten we al. Maar een beetje nuance kan misschien geen kwaad?