Charlotte: Krak

column

charlotte

Ik geloof in ware liefde, maar die lijkt heel ver weg. Zijn het mijn rode lippen met altijd wel een mening klaar? Mijn open en blote schrijfsels? Of verwacht ik te veel van alles en iedereen? Ambitieus zijn doet geen zeer en het geluk achterna reizen ook niet. Ik blijf gewoon wie ik ben. Ongecensureerd. 

Krak

“Charlotte, ik wil geen relatie.”

“Uhm, ik ben mijn jas aan het ophangen.”

Ik barst uit in een lach, maar zijn uitdrukking blijft nog steeds hetzelfde: die van een verward, lijkbleek paard. (vraag me niet waarom een paard, het ziet er gewoon zo uit.)

“Komaan S. ik zei toch niets?”, antwoord ik terwijl ik hem bij zijn riemlussen naar me toe trek. 

 “Weet ik”, antwoordt hij. 

Ik zoen hem en probeer hem te sussen. 

“We hebben plezier, laat de stress toch achterwege” fluister ik in zijn oor vervolgd door een oorkusje.

De stress volhardt. 

“Besefte ik het maar vroeger. Ik ben hier nog niet klaar voor.” 

Dat schudt mij wakker. 

“Waarvoor?", vraag ik terwijl mijn wenkbrauwen plooien.

Hij aarzelt. “Dit.”

“Herinner je je onze lunch van vijf minuten geleden? Sinds wanneer omvat roerei met toast een relatie?

“Zeg wat je wil, maar we evolueren toch subtiel naar een relatie?"

Een intens gesprek later weet ik alles over zijn laatste relatie en wijs ik hem de deur. Niet omdat ik kwaad ben, wel omdat ik mezelf beschermen wil. Ik wil bij iemand zijn die bij mij wil zijn. Zij het in een monogame relatie of in iets minder middeleeuws. En hij is duidelijk niet over zijn ex-lief. Hoe vaak hij ook zegt van wel. 

Ik was m’n gezicht met koud water, droog het bruut af met mijn handdoek van karton en kijk in de spiegel. Ik kraak mijn mond in een glimlach. Als het altijd misloopt, ben je niet gemakkelijk meer teleurgesteld. “Slechte timing”, zeg ik luidop. 

De bel gaat. Mijn hart springt op en ik ren naar de deur om hem daarachter terug te vinden met een onbekende blik. Die van schaamte. 

“Ik vergat mijn helm.”

“Ah oké.” Ik neem zijn helm en geef hem die. We kijken beide naar de grond.

 “Daag.” 

De ongemakkelijke stilte sneuvelt met een kus. De klank van de dichtvallende deur weergalmt door het huis. Is het nu over?

BILL-reporter Charlotte Spens fileerde eerder het leven van haar generatiegenoten. In haar nieuwe column legt ze zichzelf onder de loep.