Charlotte: Kraters en koppels

column

charlotte

Ik geloof in ware liefde, maar die lijkt heel ver weg. Zijn het mijn rode lippen met altijd wel een mening klaar? Mijn open en blote schrijfsels? Of verwacht ik te veel van alles en iedereen? Ambitieus zijn doet geen zeer en het geluk achterna reizen ook niet. Ik blijf gewoon wie ik ben. Ongecensureerd. 

Kraters en koppels

Eigenlijk is de balans tussen een ik-ben-Beyoncé-dag en een ik-heb-een-megakrater-op-mijn-voorhoofd-dag ontzettend hilarisch. Toch? s ‘Maandags pronk je met je kont in een ultrakort rokje dat je zondags nog als "vulgair" bestempelde toen je je armetierige carrière samen met je garderobe aan een evaluatie onderwierp. Dinsdag scrol je op Instagram in een oude zwangerschapspyjama van je moeder als een bezetene op zoek naar iemand die dikker is dan jij. Zonder resultaat.

Ik ben me er niet van bewust of mannen dat ook zo ervaren als vrouwen (Hallo dubbele standaard!), maar ik ploeter vaker doorheen dergelijke dinsdagen dan zo’n unieke maandagen. Wat ik wel ondervind, is dat zo'n dag in principe eenvoudig kan veranderd worden door een man (bij mij alleszins). 

Ik leg uit.

Ik date momenteel met iemand. Iemand die ik heel bijzonder vind. En meer los ik niet. V. is een beetje mijn geheimpje. Maar om mijn bovenstaande woorden uit te leggen, moet ik het volgende met jullie delen.

“Je ziet er stralend uit”, zegt V.

"Stralend?" Ik woelde net vijf uur in bed met een driedubbele blaasontsteking, er plakt geen druppel make-up op mijn gezicht, mijn haren bengelen als slingerplanten voor mijn gezicht en dat allemaal inclusief een ochtendadem voorzien van een vleugje sigaret. 

Het resultaat? Ik straal echt. Deze dag kan niet meer stuk. Het verschil is hilarisch én de impact van een mannencompliment is aangetoond. 

Een halfuur later zit ik met gekruiste benen in de wachtkamer van de gynaecologe in een kwetsbare positie. Omdat ik omsingeld ben door babykoppels, zwangere vrouwen en een schattig oeroud koppel. Maar, hoe onwaarschijnlijk ook, ik voel me voor het eerst niet als onkruid hier, als alleenstaande zonder duidelijke toekomstplannen.

Gewoonlijk bijt ik op m’n tanden eens ik de praktijk binnenkom en al die afgrijselijke geboortekaartjes zie. Vandaag niet. Nu staar ik de kaartjesmuur aan met een strakke blik alsof ik een rendier in de bosjes bespied met een jachthoorn onder de arm. Ik pak er zelfs een paar vast, draai ze om en lach met de namen van de al geboren broers of zussen. 

En nu vraag ik me dus stiekem af: zijn mensen die een relatie hebben meer zelfzeker of zelfs emotioneel sterker dan anderen, omdat ze (vermoedelijk) meer complimentjes ontvangen? “Dat zou echt niet eerlijk zijn”, zeg ik tegen mijzelf terwijl ik naakt met mijn benen gespreid op het dokterbed mijn cellulitis inspecteer.  


BILL-reporter Charlotte Spens fileerde eerder het leven van haar generatiegenoten. In haar nieuwe column legt ze zichzelf onder de loep.