Segall in mindere doen

Ty Segall

Sleeper

Aaren

Ty Segall - Sleeper (Live on KEXP @Pickathon)

Ty Segall gaat akoestisch! We waren geen klein beetje verrast toen we het hoorden, maar de man heeft woord gehouden en maakte met Sleeper de meest atypische plaat in z’n (op slechts enkele jaren bijeengespeelde) uitgebreide oeuvre.

Weg zijn de gierende gitaren en uitgesponnen noisepartijen waarmee hij in hippe huiskamers stilaan berucht werd. Enkel Ty en z’n akoestische gitaar dus, met sporadisch een verdwaalde viool (zoals op het titelnummer) of een wel heel subtiel bespeelde drumset. We waren eens benieuwd.

Verdienstelijke songsmid

Wat blijkt? Ook zonder reverb-pedalen en een metershoge wall of sound overstijgt deze 26-jarige Amerikaan het niveau van de gemiddelde scoutsleider aan het kampvuur (toegegeven: niet zwaarste concurrentie die er rondloopt), en toont hij zich bij vlagen een meer dan verdienstelijke songssmid.

Een songssmid die intensiteit en bezieling duidelijk hoger in het vaandel draagt dan uitgebalanceerde nummers of loepzuivere zangpartijen. Op Sleeper wordt zelfs vaker vals gezongen dan in het Scalakoor na drie flessen martini fiero, maar er wordt (gelukkig) ook wel een stuk spannender gemusiceerd.

Te wisselvallig

Sleeper klinkt op z’n best immers als een moderne versie van Nirvana’s MTV Unplugged (je weet wel, dat album waar Kurt Cobain zo vaak door z’n stem heen lijkt te zitten dat het plots weer erg mooi wordt). Schitterend bijvoorbeeld hoe Segall’s stem lichtjes overslaat in She Don’t Care of hoe The Keepers (niet meer dan een minutenlange herhaling op dezelfde melodie) zachtjes naar een climax opbouwt.

Waarom maar tweeënhalf sterren dan? Omdat Segall simpelweg vergeten is voldoende goeie nummers te schrijven om (een nochtans korte) plaat te vullen. De tweede albumhelft gaat het niveau opvallend sterk naar beneden, met een triest laagtepunt als Queen Lullabye, een rondje muzikaal navelstaren waarvan wij enkel duizelig worden (met barstende hoofdpijn achteraf).

Goed voor één keer

Wie evenwel de immer behulpzame skiptoets bij de hand houdt, heeft er met Sleeper dus een halve goeie plaat bij. Minder dan we van Ty Segall gewoon zijn, maar het kan niet altijd feest zijn natuurlijk. Volgende keer toch maar terug mét gitaar in het stopcontact, Ty?