Derde keer Oedipus is niet de beste keer

Oedipus / bêt noir

Ultima Vez / Wim Vandekeybus & KVS

Filip

Derde keer Oedipus is niet de beste keer

Wim Vandekeybus gaat voor de derde keer aan de slag met een bewerking die Jan Decorte in 1999 van Sophocles' Oedipus maakte. De oudere acteurs die de kinderlijke taal van Decorte uitspreken staan echter te vaak diametraal tegenover de jonge dansers van het ensemble om van een geslaagde voorstelling te kunnen spreken.

De eerste versie van Bêt Noir maakte Vandekeybus met kinderen. In dit aandoenlijk mooie multimediaspektakel speelde zijn zoon toen Oedipus. Later maakte hij bij het Göteborg Ballet Black Biist, waarvoor Decortes tekst naar het Zweeds vertaald werd. Omdat de eerste voorstelling te weinig speelde, de tweede enkel in Scandinavië te zien was, en Vandekeybus nog niet uitverteld was, maakte hij met zijn eigen gezelschap een derde versie van het verhaal.

Daarvoor schakelt hij de acteurs van de KVS in, allemaal een beetje op leeftijd. Soms dansen ze ook mee, en dat gaat Willy Thomas (Tiresias) toch wel beter af dan Guy Demul (verteller). De dansers uit Radical Wrong, zowat de krachtigste die je je kan inbeelden, zijn een stuk jeugdiger en nemen de bewegingsintermezzo's voor hun rekening. Wim Vandekeybus, als missing link tussen de oudere acteurs en de jongere dansers, speelt zelf Oedipus.

Déjà vu

We hebben een beetje een déjà vu bij Oedipus / bêt noir: Vandekeybus behandelt dit verhaal al voor de derde keer, de choreografie is weer energiek als altijd en wordt gedanst door de Radical Wrong'ers, en net als in al zijn eerdere voorstellingen nieuwZwart en It 3.0 speelt een gitaarcombo live muziek, ditmaal onder leiding van Roland Van Campenhout (die Oedipus' vader Laios vertolkt).

Het grootste probleem zijn echter de haperende overgangen tussen tekst en choreografie. Bovendien duurt de voorstelling dubbel zo lang als de beknoptere eerste versie en wijkt daardoor af van de kern van het verhaal: de bewegingsintermezzo's leiden de aandacht af, en zijn niet helder genoeg om ze inhoudelijk te linken met de tekst. De dansers zijn nochtans oogverblindend en de choreografie (zoals wanneer twee dansers een derde lichaam in de lucht tillen) is wederom op niveau. 

Schoenenregen

Maar de mayonaise pakt niet helemaal. Vandekeybus omschrijft deze voorstelling als een trip waarin je moet meegaan, maar wij voelen heel erg weinig. Al zijn er wel enkele knappe beeldvondsten: zo staat er achteraan een grote cirkel vol kleurrijke lappen stof waarin de dansers hangen en kruipen. Plots vallen er ook honderden schoenen uit de lucht, wat ons deed denken aan de schoen die "tiran" Bush in zijn gezicht geworpen kreeg.

De sterkste scène is paradoxaal genoeg net die waarin de choreografie het eenvoudigst is: terwijl Vandekeybus ondersteboven omhoog hangt aan een touw, voert de overige cast een bacchanale dans uit. Vorm en inhoud vallen hier samen, en zo hadden we graag veel meer scènes gezien.